SchOOLwiki

zoekopdracht

4 resultaten in categorie "resultaten-voortgang-en-schooladvies"

CITO toetsen en methode gebonden toetsen

De leerlingen op De Vuurtoren worden structureel en systematisch gevolgd middels observaties, methode gebonden toetsen en de toetsen van het CITO leerlingvolgsysteem. Wij analyseren alle toetsen. De resultaten geven ons niet alleen inzicht in de ontwikkeling van iedere leerling; wij krijgen daarmee tevens informatie over het niveau van de leerlingen per groep en het niveau van de hele school. Aan de hand van deze analyse vinden er OGW- en leerlingbesprekingen plaats. Daar waar nodig worden OPP’s (ontwikkel perspectieven) geschreven. Hoe staan we ervoor en hoe houden wij ouders op de hoogte? Wanneer de leerlingen van groep 1 t/m 8 in januari en in juni de toetsen hebben gemaakt worden deze in ons Leerlingvolgsysteem LOVS genoteerd. Op dat moment kunnen wij zien hoe een groep scoort en hoe individuele leerlingen scoren. Hierna maken alle leerkrachten een analyse per vak van hun groep en de IB-er en de directie doen dat per vak voor de hele school. Die analyses bespreken we. Wat gaat goed, waar zijn we trots op en waar kunnen we verbeteren. Dan stellen we doelen voor de volgende periode en bepalen we de vaardigheidsgroei per groep en per leerling voor die periode. U als ouder wordt in februari en in juni geïnformeerd over de resultaten van uw eigen zoon of dochter. Deze vindt u ook terug in het rapport van uw zoon of dochter.  In de nieuwsbrief informeren we u over de behaalde resultaten schoolbreed. De afgelopen twee jaar werkten we hard aan de doelen uit ons ontwikkelplan “De Vuurtoren op weg naar ruimschoots voldoende”. We merken dat we inderdaad ontwikkelen. In juni namen we de laatste CITO toetsen af. Twaalf van de 23 toetsen worden gemaakt op niveau I t/m III. Bij 17 toetsen is de gemiddelde vaardigheidsgroei op of ver boven het niveau dat van ons verwacht wordt.  We zijn nu in juli 2016 met name tevreden over de behaalde resultaten op gebied van Lezen en Spelling. Daar scoren alle groepen op niveau I t/m III. Bij rekenen en Woordenschat kwamen we van ver maar is nu ook een enorme vaardigheidsgroei zichtbaar. Door de ingeslagen weg te blijven volgen hopen wij ook het komend schooljaar nog te groeien. Indien er groepen onder het niveau van het landelijk gemiddelde scoren wordt er via een verbetertraject gewerkt aan het verhogen van de opbrengsten. De IB-er, de taal- en rekencoördinator ondersteunen hierbij de leerkrachten. Een aantal leerlingen heeft bij het maken van de toetsen moeite met de taal.  De toetsen die wij gebruiken De leerlingen van De Vuurtoren worden van groep 1 tot en met groep 8 nauwkeurig gevolgd. Hiervoor gebruiken we op De Vuurtoren de volgende methode- onafhankelijke toetsen: AVI (lezen) voor de groepen 3 t/m 8 DMT (lezen) voor de groepen 3 t/m 8 Toetsen beginnende geletterdheid van Aarnoutse voor groep 1 en 2 Herfst-, winter-, lente- en eindsignalering (lezen) voor groep 3 Tak Klankonderscheiding/articulatie voor groep 1 en groep 2 CITO spelling voor de groepen 3 t/m 8 SCOL (sociaal emotionele vorming) voor groep 1 t/m 8 CITO rekenen en wiskunde voor de groepen 1 t/m 8 CITO Taal voor kleuters voor groep 1 en 2 CITO begrijpend lezen voor groep 4 t/m 8 CITO woordenschattoets voor groep 3 t/m 8 CITO begrijpend luisteren voor groep 1 t/m 3 CITO eindtoets april groep 8 TFI en SET en de veiligheidsmonitor Naast de methode-onafhankelijke toetsen maken de leerlingen jaarlijks ook nog methodegebonden toetsen.  Het leerlingvolgsysteem Onze school toetst en analyseert systematisch de vorderingen en ontwikkelingen van de leerlingen. We maken hiervoor gebruik van methode gebonden en methode onafhankelijke toetsen te weten de CITO toetsen. Voor leerlingen met geconstateerde problemen zijn documenten voor handelingsplannen aanwezig. Bovendien werken wij daar waar mogelijk op 3 instructieniveaus met behulp van groepsplannen en indien nodig een ontwikkelingsperspectief. Een leerlingvolgsysteem is in de eerste plaats een hulpmiddel voor de leerkracht. Zo kan de leerkracht nagaan wat een leerling de afgelopen periode geleerd heeft op school, wat een leerling al wel of nog niet kan en wat nog te moeilijk of te makkelijk is voor het kind. Het onderwijs kan dan daar op afgestemd worden. Het leerlingvolgsysteem wordt de hele basisschooltijd gebruikt. De leerlingen worden nauwkeurig gevolgd. De toetsen in het leerlingvolgsysteem hebben betrekking op de basisvaardigheden. Dit zijn vaardigheden die o.a. te maken hebben met taal, rekenen en lezen. In groep 1 en 2 wordt vooral gekeken naar de basisvoorwaarden die van belang zijn om te kunnen leren schrijven, lezen en rekenen. Wij zorgen ervoor dat er aan het begin van het jaar wordt vastgesteld wanneer welke toets plaats zal vinden. Iedere leerkracht ontvangt daarvoor aan het begin van het schooljaar een toets kalender waarop beschreven staat wanneer, wat getoetst wordt. De resultaten worden geanalyseerd en besproken tijdens de OGW gesprekken met de desbetreffende leerkracht, de IB- er en de directeur. Tijdens deze besprekingen worden de ontwikkelingstrajecten van de individuele leerling en/of de ontwikkelingen van de hele groep in kaart gebracht en de vervolgtrajecten vastgelegd en indien nodig met ouders besproken. Zijn de zorgsignalen dermate groot dan wordt, in overleg met de ouders, contact gezocht met een externe instantie. Het leerlingvolgsysteem is voor ons ook een heel belangrijk instrument om de kwaliteit van de school te meten. De analyses die wij maken naar aanleiding van de resultaten geven ons antwoorden op vragen als: Sluiten de methoden wel aan bij de onderwijsbehoeften van onze kinderen; Gebruiken wij de methoden wel op de meest effectieve manier; Is ons klassenmanagement goed geregeld; etc. Tenslotte geeft het leerlingvolgsysteem de ouders inzicht in de ontwikkeling van hun kind. De intern begeleider coördineert de zorg voor leerlingen. Zij bespreekt regelmatig de ontwikkeling van de kinderen met de leerkracht en/of de directie. Wanneer blijkt dat een leerling leer-, sociaal- emotionele en/of gedragsproblemen heeft, begeleidt een interne begeleider de groepsleerkracht bij het opstellen, uitvoeren, evalueren en bijstellen van een handelingsplan.Wanneer blijkt dat uw kind extra begeleiding nodig heeft binnen school wordt u door de groepsleerkracht uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek waarin het begeleidingstraject met u besproken wordt. Zijn de zorgsignalen groter dan wordt de intern begeleider bij het gesprek betrokken. Samen met u wordt dan het vervolgtraject besproken en indien nodig om toestemming gevraagd voor advies en/of onderzoek door een externe instantie.  ...
Lees verder

Het leerling volgsysteem

Het leerling volgsysteem Onze school toetst en analyseert systematisch de vorderingen en ontwikkelingen van de leerlingen. We maken hiervoor gebruik van methode gebonden en methode onafhankelijke toetsen de CITO toetsen. Voor leerlingen met geconstateerde problemen zijn documenten voor handelingsplannen aanwezig. Bovendien werken wij op 3 instructieniveaus met behulp van groepsplannen en indien nodig een ontwikkelingsperspectief. Een leerlingvolgsysteem is in de eerste plaats een hulpmiddel voor de leerkracht. Zo kan de leerkracht nagaan wat een leerling de afgelopen periode geleerd heeft op school, wat een leerling al wel of nog niet kan en wat nog te moeilijk of te makkelijk is voor het kind. Het onderwijs kan dan daar op afgestemd worden. Het leerlingvolgsysteem wordt de hele basisschooltijd gebruikt. De leerlingen worden nauwkeurig gevolgd. De toetsen in het leerlingvolgsysteem hebben betrekking op de basisvaardigheden. Dit zijn vaardigheden die o.a. te maken hebben met taal, rekenen en lezen. In groep 1 en 2 wordt vooral gekeken naar de basisvoorwaarden die van belang zijn om te kunnen leren schrijven, lezen en rekenen. Wij zorgen ervoor dat er aan het begin van het jaar wordt vastgesteld wanneer welke toets plaats zal vinden. Iedere leerkracht ontvangt daarvoor aan het begin van het schooljaar een toets kalender waarop beschreven staat wanneer, wat getoetst wordt en door wie die toets wordt afgenomen. De resultaten worden geanalyseerd en besproken tijdens de leerling-besprekingen die in teamverband gehouden worden en tijdens groepsbesprekingen met de desbetreffende leerkracht en de I.B.- er. Tijdens deze besprekingen worden de ontwikkelingstrajecten van de individuele leerling en/of de ontwikkelingen van de hele groep in kaart gebracht en de vervolgtrajecten vastgelegd en indien nodig met ouders besproken. Zijn de zorgsignalen dermate groot dan wordt, in overleg met de ouders, contact gezocht met een externe instantie. Het leerlingvolgsysteem is voor ons ook een heel belangrijk instrument om de kwaliteit van de school te meten. De analyses die wij maken naar aanleiding van de resultaten geven ons antwoorden op vragen als: • Sluiten de methoden wel aan bij de onderwijsbehoeften van onze kinderen; • Gebruiken wij de methoden wel op de meest effectieve manier; • Is ons klassenmanagement goed geregeld; etc. Tenslotte geeft het leerlingvolgsysteem de ouders inzicht in de ontwikkeling van hun kind. De intern begeleider coördineert de zorg voor leerlingen. Zij bespreekt regelmatig de ontwikkeling van de kinderen met de leerkracht en/of de directie. Wanneer blijkt dat een leerling leer-, sociaal- emotionele en/of gedragsproblemen heeft, begeleidt een interne begeleider de groepsleerkracht bij het opstellen, uitvoeren, evalueren en bijstellen van een handelingsplan. Wanneer blijkt dat uw kind extra begeleiding nodig heeft binnen school wordt u door de groepsleerkracht uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek waarin het begeleidingstraject met u besproken wordt. Zijn de zorgsignalen groter dan wordt de intern begeleider bij het gesprek betrokken. Samen met u wordt dan het vervolgtraject besproken en indien nodig om toestemming gevraagd voor advies en/of onderzoek door een externe instantie. ...
Lees verder

Inspectie

De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van onze school en op de naleving van de wet- en regelgeving. Ook kijkt de inspectie naar de rechtmatigheid en doelmatigheid van het verkrijgen en besteden van middelen voor het onderwijs. Over de resultaten van het toezicht informeert de inspectie actief en openbaar. De inspectie heeft De Vuurtoren oktober 2012 voor het laatst bezocht en was tevreden over ons onderwijs. Wij kregen het basis arrangement. Wij zijn ( zoals ook te lezen viel in hoofdstuk periodiek onderzoek) met de verbeterpunten aan de slag gegaan en realiseren ons dat we de weg die we zijn ingeslagen nu ook moeten borgen....
Lees verder

Naar de volgende groep

De overgang van groep 1 naar 2 en 3 algemeen De tijd die kleuters in groep 1 en 2 doorbrengen kan sterk verschillen. Kleuters die bijvoorbeeld jarig zijn in mei zitten doorgaans twee jaar in groep 1/2. Najaar kinderen (jarig in oktober, november en december) kunnen ofwel bijna 3 jaar ofwel ruim anderhalf jaar in de kleutergroep zitten. De keuze van verkorting of verlenging heeft vooral te maken met de onderwijsbehoeften van de kinderen en hun ontwikkeling. De voortgang in deze ontwikkeling is (zie ontwikkeling hieronder) bepalend, niet de kalenderleeftijd. De inspectie geeft aan dat kinderen in beginsel binnen een tijdvak van 8 aaneensluitende jaren het primair onderwijs doorlopen, afhankelijk van het ontwikkelingsproces en het welbevinden van kinderen dat niet verstoord mag worden. Als school hanteren wij een voorzichtig en zorgvuldig beleid rond deze groep van najaar kinderen. De keuze voor verkorting of verlenging wordt duidelijk gemotiveerd en beargumenteerd in ons protocol. Bij het nemen van een dergelijke beslissing zijn de groepsleerkracht(en), de ouders en de intern begeleider betrokken. Bij twijfel of een verschil van mening wordt de directeur ingeschakeld. De directeur heeft de eindverantwoordelijkheid en neemt de eindbeslissing. Ontwikkeling We gaan hierbij uit van de totale ontwikkeling n.a.v. de leerlijnen. Deze omvat de volgende aspecten: • taal/spraakontwikkeling • ontwikkeling m.b.t. het voorbereidend lezen • ontwikkeling m.b.t. het voorbereidend rekenen • sociaal-emotionele ontwikkeling en spelontwikkeling • werkhouding en concentratie • speel-werkgedrag • zelfstandigheid en zelfredzaamheid • ontwikkeling van de motoriek Overgang groep 1-2-3 volgens het protocol Kinderen die in oktober, november of december geboren zijn, worden meestal geplaatst in groep 1. Deze kinderen worden nauwgezet geobserveerd door de leerkracht. Kinderen die in oktober, november of december jarig zijn en mogelijk vervroegd gaan doorstromen, worden al in januari gescreend met behulp van de CITO-M1 toetsen (Rekenen en Wiskunde voor Kleuters en Taal voor Kleuters) en de januari screening. Voor de jongste kinderen worden deze toetsen meer als observatiemiddel gebruikt. Leerlingen die de toets wel afmaken en een score van I/hoge II  halen, zijn de kinderen die mogelijk doorgaan naar groep 2. Deze resultaten zullen in het CITO-LOVS worden vastgelegd. Na de zomervakantie doen deze kinderen mee met de kinderen van groep 2. Na overleg tussen leerkracht en intern begeleider en ouders kunnen deze kinderen (na de kerstvakantie) geplaatst worden in groep 2. Het plaatsen in groep 2 wil niet zeggen, dat het kind automatisch doorstroomt naar groep 3. Voor 1 maart wordt bepaald of er verlenging of verkorting plaatsvindt. Hierbij wordt niet alleen naar de cognitieve ontwikkeling gekeken maar ook naar de kind kenmerken, zoals: • zelfstandigheid • de motorische • de sociaal-emotionele ontwikkeling. We streven ernaar om al bij de oudergesprekken in maart tot een gezamenlijke beslissing te komen. De definitieve beslissing over wel of niet vervroegd doorstromen naar groep 3 valt na de CITO toetsen in juni. Wanneer er geen sprake is van vervroegde doorstroming is er geen sprake van doubleren en zullen wij uw kind in zijn/haar naaste ontwikkeling begeleiden door leer- en ontwikkelingsmateriaal aan te bieden op niveau. Kleuterverlenging De najaar kinderen die niet in aanmerking komen voor vervroegde doorstroming en die dus langer dan 2 1/2 jaar in de kleuterklas verblijven, krijgen indien zij hier aan toe zijn extra aanbod op het gebied van het voorbereidend lezen en rekenen (fonologisch bewustzijn, opbouwen van letterkennis en gecijferdheid staan hierbij centraal). Dit is terug te vinden in de dagplanning Contact met ouders Wanneer er sprake is van verlenging of verkorting van het kleuteronderwijs, stellen we de argumenten op schrift. Met de ouders wordt dit duidelijk en goed verantwoord onderbouwd. De argumenten en mening van de ouders worden eveneens vermeld. Het verslag/advies wordt door de school aan de ouders uitgereikt. Vervroegde doorstroming naar groep 3 Voor kinderen die in oktober, november en december geboren zijn (de zogenaamde “najaar kinderen”) is er de mogelijkheid om korter dan twee jaar in groep 1/2 te verblijven wanneer hun ontwikkeling dat aangeeft. Bij zeer hoge uitzondering kan dit ook gelden voor leerlingen die na december geboren zijn. We laten de keuze voor verkorting of verlenging afhangen van de doorgaande ontwikkeling van het kind. We spreken dit met de ouders van deze leerlingen door. Wanneer “najaar kinderen” hoog scoren op de CITO toetsen (d.w.z. een I-score), duidelijk toe zijn aan leren lezen en taakgericht werken, kan overgang naar groep 3 overwogen worden. Ook moet duidelijk zijn dat deze leerlingen de overgang naar groep 3 ook sociaal-emotioneel aankunnen. Er moet voldoende zelfvertrouwen en zelfbeeld zijn opgebouwd. Het egocentrisch denken moet plaats gemaakt hebben voor “meer op anderen gericht zijn”. Sommige kinderen uit deze doelgroep zijn cognitief verder ontwikkeld dan sociaal-emotioneel. De leerkracht van groep 3 krijgt hierover informatie van de leerkracht van groep 2. Er worden punten opgesteld om aandacht te besteden aan deze ontwikkelingsaspecten in groep 3. Met name de schrijfmotoriek en de spel- en bewegingsbehoefte van de jonge leerling kan verschillen van oudere leerlingen. Verder moeten deze leerlingen toe zijn aan het gerichte leren en complexere taken aan kunnen. Besluitvorming doubleren groep 3 t/m 8: Het laten doubleren van een leerling is een besluit dat in overleg met ouders/verzorgers, groepsleerkracht, team en directie wordt genomen. De school is hierin eindverantwoordelijke. Argumenten die de school aanleiding geven doubleren te overwegen: • Voor groep 3: er is sprake van een aantoonbare achterstand (cognitief) van 5 maanden (DLE) op de onderdelen spelling en lezen en/of van 8 maanden achterstand op het onderdeel rekenen/wiskunde. • Voor groep 4 t/m 8: er is sprake van een aantoonbare achterstand (cognitief) van 8 maanden (DLE) of meer op tenminste twee van de volgende onderdelen, waarvan op één onderdeel een aantoonbare achterstand van tenminste 10 maanden. a) lezen (DMT) b) spelling c) rekenen/wiskunde d) begrijpend lezen • Er is sprake van een sociaal-emotionele achterstand • Binnen de organisatie is aantoonbaar speciale leerling zorg aangeboden (zie leerlingdossier: groepsplannen, handelingsplannen, besproken in de groepsbesprekingen met de IB-er, de leerling besprekingen en in de bouwvergaderingen). Ondanks deze zorg blijkt doorstromen naar het volgende leerjaar niet verantwoord. De overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs In het laatste schooljaar krijgen de ouders uitgebreide informatie van de scholengemeenschappen over de schoolkeuzes in Lelystad middels informatiefolders en informatieavonden van de scholen. In de overgang naar het voortgezet onderwijs vervult De Vuurtoren een adviserende rol. De groepsleerkracht van groep 8 heeft in januari een adviesgesprek met ouder(s) en kind over de schoolkeuze aan de hand van het schoolverlatersrapport. Behalve naar de cognitieve mogelijkheden van het kind wordt er ook gekeken naar zaken als doorzettingsvermogen, taakaanvaarding, verantwoordelijkheidsgevoel en sociale omgang om een zo goed mogelijk advies te geven en een school te vinden die bij het kind past. Uiteindelijk maken ouder(s) en kind samen de keus. Bij het schoolverlaten is er tweemaal direct contact (overleg) tussen de groepsleraar en de mentor van de betreffende school, eenmaal voor de zomervakantie en eenmaal in het nieuwe schooljaar, over de start en voortgang in het Voortgezet Onderwijs. Ook vinden in de loop van het daaropvolgende schooljaar voortgangsgesprekken plaats tussen de groepsleerkracht (van groep 8) en mentoren. Gegevens uit het Leerlingvolgsysteem en relevante gegevens uit de leerling-dossiers worden doorgegeven aan het Voortgezet Onderwijs. Tot in het vierde jaar worden de leerresultaten van de oud-leerlingen nog aan ons bekend gemaakt en we worden op de hoogte gehouden over de leerrichting die de kinderen hebben gekozen. De leerlingen worden zoals u hierboven heeft kunnen lezen in overleg na groep 8 meestal geplaatst in het regulier voortgezet onderwijs. Als uw kind meer en extra hulp nodig heeft in en op weg naar het Middelbaar Beroepsonderwijs diploma, kan Leerweg Ondersteunend Onderwijs (LWOO) voor uw kind een goede plek zijn. Als uw kind meer of extra zorg behoeft en uw kind onvoldoende baat heeft bij de extra zorg van het reguliere voortgezet onderwijs, kan het worden aangemeld bij het Speciaal Voortgezet Onderwijs. (SVO) In Lelystad wordt dit onderwijs aangeboden op De Steiger. Voor toelating naar beide vormen bestaan wettelijke procedures. Hierover wordt u, als dit geldt voor uw kind, uiteraard door ons goed en tijdig geïnformeerd....
Lees verder